CeBeDeM

CeBeDeM

index
van de aangesloten componisten

VERBESSELT, August

August VERBESSELT werd geboren in Klein-Willebroek in 1919. Zijn geboortedorp kende niet erg veel muzikale activiteiten, maar de lokale jazzpianist en harmonie waren voldoende om Verbesselts muzikale belangstelling op te wekken. Verbesselt studeerde dwarsfluit en waagde zich aan enkele composities. Als achttienjarige stapte hij naar het Antwerpse conservatorium, waar hij harmonie studeerde bij Lode Ontrop en contrapunt en fuga bij Karel Candael. Daarnaast behaalde hij het hoger diploma voor fluit bij Louis Stoefs. Verbesselt was overigens de eerste leerling die zo’n hoger diploma voor fluit behaalde (nota bene met een derde deel van zijn eigen fluitconcerto); zijn voorgangers waren allemaal pianisten en violisten. Na zijn studies kon hij al snel aan de slag als solo-fluitist in het orkest van de Vlaamse Opera, een positie die hij bijna veertig jaar zou bezetten. Vanaf 1955 werd Verbesselt leraar harmonie aan het Antwerpse conservatorium. In de jaren 1960, na lang ijveren voor de invoer van vakken als Analyse en Vormleer, werd hij ook van deze leergangen titularis. Verbesselt wordt door zijn vroegere leerlingen (waaronder Jan Pieter Biesemans, Alain Craens en Wilfried Westerlinck) geprezen als pedagoog en componist. In 1965 werd Verbesselt benoemd tot directeur van de muziekschool van Niel.

WERKBESPREKING
August Verbesselt schreef een zeer gevarieerd oeuvre. Zijn opleiding als fluitist zette hem aan tot het schrijven van verschillende werken voor zijn eigen instrument. Maar ook de andere leden van de blazersfamilie komen ruimschoots voor in zijn werklijst. 
Zo schreef hij naast een concerto voor fluit ook concerti voor hobo en klarinet en een concerto voor klarinetkwartet en kamerorkest (net zoals Willem Kersters). Ook een duo klarinetkwartetten (1985) en houtblaaskwintetten (1994) laten zijn liefde voor kamermuziek voor houtblazers duidelijk zien. 

Qua compositiestijl kan Verbesselts oeuvre in twee afgebakende periodes verdeeld worden. In een eerste periode (1940-1967) schreef hij vooral op basis van een verwijde tonaliteit, neigend naar een vrije atonaliteit. In een tweede periode (1967-1995) gebruikte hij dodecafonische reeksen als basismateriaal voor zijn composities. Toch wordt vrijwel al zijn muziek gekenmerkt door de wil om verstaanbaar te zijn voor het publiek. Verbesselts muziek wil sferen scheppen, klanken ‘opnieuw’ uitvinden en zo de kloof tussen het publiek en de moderne componist verkleinen. 
Een werk dat centraal staat binnen de zogenaamde eerste periode is het Concerto voor fluit, twee slagwerkers en orkest uit 1952. In dit naar Bartók gemodelleerde concerto mengt Verbesselt klassieke technieken zoals de driedelige concertovorm, de sonatevorm en de liedvorm met een atonale en bitonale muziektaal. De twee slagwerkers spelen niet mee in het lyrische tweede deel, maar gaan in de buitenste delen een virtuoze ritmische en melodische dialoog aan met de fluitist. Dit concerto genoot enige bekendheid in het buitenland: het werd uitgegeven door de Franse uitgeverij Billaudot op aanraden van de beroemde Franse fluitist Jean-Pierre Rampal, die het werk in 1966 leerde kennen toen hij in Antwerpen op tournee was. Ook het Concerto voor orkest uit 1959 behoort nog tot Verbesselts eerste periode. Opnieuw is de invloed van Bartóks vormstructuur en vrije behandeling van atonaliteit niet ver zoek. 

De weg naar de seriële principes werd voor Verbesselt opengelegd door Mátyás Seiber. In de late jaren 1950 bezocht Verbesselt de Gaudeamusdagen voor componisten in Bilthoven, waar hij samen met Willem Kersters de dodecafonische technieken van Seiber leerde kennen. Tijdens deze componistendagen werd Verbesselts Sinfonietta geanalyseerd, wat deze compositie meteen katapulteerde naar het middelpunt van de publieke belangstelling. Toch duurde het lange tijd vooraleer zijn buitenlandse successen ook tot in ons land doordrongen. 
Verbesselt componeerde zoals gezegd steeds met het publiek in het achterhoofd en schreef dus dodecafonische werken gebaseerd op quasi ‘tonaal’ klinkende reeksen. 
Zo zocht hij in zijn twaalftoonsreeksen niet de contrasten op, maar wel de harmonische en melodische herkenbaarheid. Af en toe week hij daarvoor af van de theoretische normen. Zo bestaat Verbesselts ‘lievelingsreeks’ uit dertien tonen (g – bes – d / cis – a – e / f – gis – b / c – dis – fis / f) waarin sommige opeenvolgende noten een duidelijke harmonische tonale affiniteit met elkaar bezitten. 
Een aanloop naar Verbesselts tweede periode vinden we in het tweedelige kwintet Hexatone-Synthese (1964) voor fluit, hobo, klarinet, cello en harp. Hexatone is, zoals de titel reeds suggereert, gebaseerd op een reeks van zes noten met als voornaamste intervallen de reine, verkleinde en vergrote kwart. De reeks wordt eerst in de harppartij voorgesteld, maar wordt al snel melodisch en harmonisch overgenomen door de blazers. Synthese, het tweede deel van het werk, is een poging om tot een samenvatting te komen en herneemt het materiaal van het eerste deel in verkorte vorm. 
In 1967 schreef Verbesselt zijn “eerste dodecafonische werk”, namelijk Triptiek voor orkest. In dit werk slaagt Verbesselt erin een mysterieuze sfeer te scheppen door verschillende, vaak onverwachte klankkleuren met elkaar te combineren en klankgroepen tegen elkaar uit te spelen. In 1975 volgde het orkestwerk Universum, net als Hexaton-Synthese een opdracht van de B.R.T. Hierin vermengde Verbesselt zijn hedendaagse dodecafonische schrijfwijze met de Lisztiaanse vorm van het symfonisch gedicht. Dit werk, dat doorlopend gespeeld moet worden, bestaat uit diverse bewegingen met titels als Chaos en schepping, De aarde, Ruimte- of tijdsreis en De andere planeet. 
Ares en Irene uit 1987 illustreert opnieuw Verbesselts gave voor sfeerschepping. In deze compositie gebruikt hij een koor, dat vocaliseert op losse klinkers en klanken. 
Bovendien wordt er – in navolging van Bergs beroemde Vioolconcerto – in dit werk een vierstemmig Bachkoraal ingelast. Een dergelijke ingreep was niet nieuw: in 1972 gebruikte Verbesselt reeds oude (barok)muziek als inspiratiebron in Manipulaties rond een thema van Heinrich Schütz voor vier hoorns, vier trompetten, vier trombones, bastuba en slagwerk. 

Ondanks zijn drang naar een moderne vormen- en klankentaal en een experimentele oriëntatie vertoont Verbesselt een grote affiniteit met compositorische principes en modellen uit vroeger tijden. Of, in de woorden van Verbesselt zelf: “Bij mij komt het erop aan verschillende grote lijnen te concipiëren die samen, volgens een bepaald procédé, een constant bewegend geheel van lijnen gaan vormen. Enfin, een contrapuntische compositie, waar natuurlijk de samenklank niet uit het oog verloren wordt.”

WERKLIJST
- Concerto’s: Concerto voor fluit, twee slagwerkers en orkest (1952); Concerto voor klarinet en orkest (1983); Concerto voor hobo (1986); Concerto voor piano (1986); Concerto voor altsaxofoon en brass band (1990); Concerto voor hobo, marimba, vibrafoon en strijkers (1995)
- Orkest: Sinfonietta voor kamerorkest (1957); Concerto voor orkest (1959); Triptiek voor orkest (1967); Gruppi di Quatro (1968); Universum (1974)
- Kamermuziek: Hexatone-Synthese voor fluit, hobo, klarinet, cello en harp (1964); Cyclus voor basklarinet en piano (1982); Pianokwintet voor hobo, klarinet, fagot, hoorn en piano (1990)
- Toneelmuziek en balletten: Aladin en de Wonderlamp (1944); Christus (1946); Koning David (1950); De veroveraar (1964)
- Koorwerken: Ares & Irene voor koor en orkest (1987); Moralische Ballade voor solostem, koor, strijkorkest en piano (1990)
- Verschillende solowerken voor fluit, voornamelijk studies.

BIBLIOGRAFIE
- August Verbesselt. Gecontroleerde passie van een schorpioen, in Artistiek Tijdschrift Ambrozijn, 2005-2006
- Programmaboekje Huldeconcert August Verbesselt, 24 oktober 2005, deSingel
- Verbesselt, August, In de analyseklas van meester Verbesselt, in Muziek en Woord, 15, oktober 1989, p. 8
- D. VON-VOLBORTH-DANYS, art. Verbesselt, August, in New Grove, Dictionary of Music and Musicians, uitg. dr. S. Sadie, 26, 2001, p. 424
- H. WILLAERT, Autochtoon in oktober: August Verbesselt, in Muziek en Woord, 5, oktober 1979, p. 6-7

DISCOGRAFIE
- Concerto per orchestra (dirigent: Frédéric Devreese), Hexaton-Synthese voor fluit, hobo, klarinet, cello en harp, Cultura
- Altsaxconcerto (Harmonieorkest van de Belgische Gidsen o.l.v. Norbert Nozy; altsax: Norbert Nozy), René Gailly
- Alternativo (1994), CONTEMPORARY FLEMISH MUSIC FOR CELLO (cello: Viviane Spanoghe; piano: Andre De Groote), Naxos 8.557254
- Cyclus voor basklarinet en piano, WINDOWS ON THE BASS CLARINET, In Flanders’ Fields, vol. 43 (basklarinet: Jan Guns; piano: Hans Ryckelynck), Phaedra
- Iberia voor fluit en piano, PER FLAUTO E CHITARRA (gitaar: Geert Claessens; fluit: Steven De Baecke)


[© 2006 Veerle Bosmans, voor Matrix]

werken

  • "Z", 1985
    piano 00:06:00
  • Aladin en de wonderlamp, 1944
    orkest 00:12:00
  • Aladin en de wonderlamp, 1944
    fluit, hobo, viool, cello en piano 00:12:00
  • Almtaler symphonie, 1989
    orkest 00:21:00
  • Alpha e beta, 1978
    cello 00:05:00
  • Alternativo, 1994
    cello en piano 00:00:00
  • Aquarium, 1991
    slagwerkorkest 00:13:30
  • Ares en Irène, 1987
    gemengd koor en orkest 00:25:00
  • Arm en bevrijd, 1952
    Sopraan en piano 00:01:00
  • Assepoes
    orkest 00:00:00
  • Ballade, 1956
    orkest 00:15:00
  • Caesar en Cleopatra, 1953
    fluit, 3 buccina's of 3 trompetten, basbuccina, slagwerk en harp 00:10:00
  • Christus, 1946
    gemengd koor en orkest 00:20:00
  • Concert nr.1 voor vijf, 1940
    fluit, viool, altviool, cello en piano 00:12:00
  • Concert nr.2 voor vijf, 1941
    fluit, viool, altviool, cello en piano 00:15:00
  • Concerto, 1959
    orkest 00:20:00
  • Concerto, 1952
    fluit en piano 00:18:00
  • Concerto, 1952
    fluit, 2 slagwerk en orkest 00:18:00
  • Concerto, 1995
    hobo, strijkorkest, marimba en vibrafoon 00:17:00
  • Concerto, 1986
    hobo en orkest 00:15:00
  • Concerto, 1991
    altsaxofoon (mi b) en piano 00:18:00
  • Concerto, 1991
    altsaxofoon (mi b) en groot harmonieorkest 00:18:00
  • Concerto, 1983
    klarinet (si b) en orkest 00:14:30
  • Concerto, 1986
    klarinettenkwartet en kamerorkest 00:10:30
  • Concerto, 1986
    piano en orkest 00:14:00
  • Concerto, 1995
    hobo en piano 00:17:00
  • Concerto, 1986
    2 pianos 00:13:00
  • Concerto, 1983
    klarinet en piano 00:14:30
  • Concerto, 1986
    hobo en piano 00:15:00
  • Contrapunto, 1964
    clavecimbel 00:05:00
  • Conversazione, 1982
    hobo en piano 00:04:00
  • Cyclus, 1982
    basklarinet en piano 00:09:10
  • De cirkel, 1965
    Recitanten, instrumentaal ensemble en slagwerk 00:10:00
  • De ingebeelde zieke
    fluit, hobo, klarinet, altsax, tenorsax, fagot 00:00:00
  • Diagrammen, 1972
    kamerorkest 00:15:00
  • Don Quichot
    fluit, klarinet, fagot en viool 00:00:00
  • Drie monologen, 1981
    fluit 00:05:00
  • Dubbel concerto, 1990
    klarinet, basklarinet en orkest 00:16:00
  • Dubbel concerto, 1990
    klarinet, basklarinet en orkest 00:16:00
  • Due dialoghi, 1984
    fagot en piano 00:07:00
  • Elfendans uit "Alladin en de wonderlamp", 1944
    fluit, hobo, viool, cello en piano 00:00:00
  • Emoties, 1990
    basklarinet en slagwerk 00:08:15
  • Entr'acte, 1982
    hobo en gitaar 00:00:00
  • Gaudeamus, 1989
    orkest 00:15:00
  • Gruppi di quattro, 1968
    kamerorkest 00:12:00
  • Hexatone - Synthèse, 1964
    fluit, hobo, klarinet, cello en harp 00:12:00
  • Houtblaaskwintet nr.1, 1994
    fluit, hobo, klarinet, hoorn en fagot 00:09:20
  • Houtblaaskwintet nr.2, 1994
    fluit, hobo, klarinet, hoorn en fagot 00:09:30
  • Iberia, 1982
    fluit en gitaar 00:04:00
  • Introduzione et allegro, 1982
    altsaxofoon en piano 00:05:00
  • Iskato, 1985
    hobo, klarinet en fagot 00:08:30
  • Kamerconcerto, 1988
    basklarinet en strijkorkest 00:13:00
  • Klarinettenkwartet nr.1, 1985
    4 klarinetten 00:14:00
  • Klarinettenkwartet nr.2, 1985
    4 klarinetten 00:12:30
  • Koning David, 1950
    kamerorkest 00:30:00
  • Koning David: Suite, 1950
    kamerorkest 00:13:00
  • Kristal, 1990
    klarinet in si b en piano 00:10:00
  • Le beau ténébreux, 1954
    harmonieorkest en piano 00:20:00
  • Le conquérant, 1964
    gemengd koor en 2 orkesten 00:30:00
  • Manipulaties rond een thema van Heinrich Schütz, 1972
    4 hoorns, 4 trompetten, 4 trombones, 1 bastuba en slagwerk 00:03:30
  • Metropolis, 1987
    fluit en piano 00:10:00
  • Momo, 1991
    fluit en piano 00:12:00
  • Moralische ballade, 1990
    koor, stemmen, strijkorkest en piano 00:07:00
  • Nostalgie, 1990
    gemengd koor, altsaxofoon en cello 00:06:00
  • Oase, 1988
    kamerorkest 00:11:32
  • Orient, 1993
    harmonieorkest 00:10:30
  • Pax, 1986
    kamerorkest 00:11:30
  • Per flauto, 1986
    fluit 00:03:00
  • Per violino, 1987
    viool 00:04:00
  • Pianokwintet, 1990
    hobo, klarinet, fagot, hoorn en piano 00:11:30
  • Sereniteit, 1990
    fluit, viool en clavecimbel 00:08:00
  • Sinfonietta, 1957
    kamerorkest 00:14:00
  • Sluierdans, 1988
    harmonieorkest 00:06:15
  • Strukturen, 1981
    orkest 00:14:00
  • Suite, 1995
    hobo en althobo (Engelse hoorn) 00:10:45
  • Tre movementi, 1982
    klarinet 00:07:00
  • Triade, 1996
    basklarinet en marimba 00:10:30
  • Trio, 1941
    fluit, viool, altviool 00:12:00
  • Triptiek, 1967
    orkest 00:16:00
  • Twaalf concertstudies, 1984
    fluit 00:53:35
  • Twee edellieden van Verona
    orkest 00:00:00
  • Tweeluik, 1974
    fluit of hobo of klarinet of altsaxofoon of fagot en piano 00:05:00
  • Tweeluik, 1974
    fluit en piano 00:05:00
  • Tweeluik, 1974
    hobo en piano 00:05:00
  • Tweeluik, 1974
    klarinet en piano 00:05:00
  • Tweeluik, 1974
    altsaxofoon en piano 00:05:00
  • Tweeluik, 1974
    fagot en piano 00:05:00
  • Universum, 1974
    dubbel orkest en magnetofoonband 00:18:00
  • Verve, 1989
    althobo (Engelse hoorn) en gitaar 00:09:45
Bladzijdes :
1 2 3 4 5 6 7 8 9