CeBeDeM

CeBeDeM

index
van de aangesloten componisten

BARBIER, René

BARBIER René, Auguste, Ernest, componist, geboren te Namen op 12 juli 1890, overleden te Elsene op 24 december 1981.

Zijn vader, Ernest Barbier, was fluitist en directeur van het koor “Les Bardes de la Meuse”. René Barbier beschikt reeds vanaf zeer jonge leeftijd over opmerkelijk groot muzikaal talent. Als jonge man hecht hij evenveel waarde aan de muziek als aan de schilderkunst, dit vooral onder invloed van zijn oom Théo Tonglet, die schilder en beeldhouwer was; hij volgt les aan de Muziekacademie en de schilderkunstacademie in zijn geboortestad.

Zeer snel krijgt liefde voor de muziek bij hem de overhand. Hij wordt fluitist en bovendien volgt hij een volledige orgelstudie. Nadat hij zijn studies in Namen met glans beëindigt, wordt hij toegelaten in het Koninklijk Conservatorium van Brussel en studeert er bij Paul Gilson. Daarna gaat hij naar het Koninklijk Conservatorium van Luik, waar hem de Eerste Prijs wordt uitgereikt, de Médaille en vermeil voor orgel, de Eerste Prijzen harmonie, contrapunt en fuga onder begeleiding van Sylvain Dupuis, die voor hem bijzondere waardering heeft.
Hij behaalt de Tweede grote prijs van Rome in 1919 met de cantate Thyl Ulenspiegel banni, en de Eerste Grote Prijs in 1920 met La Légende de Soeur Béatrice.

In datzelfde jaar wordt hij benoemd tot docent harmonie aan het Conservatorium van Luik, dat hij verlaat in 1949 om dezelfde functie te bekleden aan het Conservatorium van Brussel. In 1923 wordt hij laureaat aan de Koninklijke Academie van België voor zijn symfonisch gedicht Les Génies du Sommeil op een tekst van Maurice Henrion.

In datzelfde jaar wordt hij benoemd tot directeur van het Muziekconservatorium van Namen, een functie die hij veertig jaar lang zal uitoefenen. Hij onderwijst er kamermuziek, contrapunt, fuga, compositie en dirigeert er de orkestklas. René Barbier debuteert in 1910 als dirigent en zal nadien zijn hele carrière lang alle grote ensembles van het land dirigeren, zowel in Namen als in Luik, Brussel en Oostende.

Hij wordt sterk gewaardeerd als koordirigent waardoor hem in 1925 het koor van de Société des Cristalleries du Val-Saint-Lambert, en nadien het Wallonia Chorale van Charleroi worden toegewezen. Tenslotte wordt hij dirigent van “Les bardes de la Meuse” en nadien van de Royale Cercle Choral de Frameries die hij tot triomfen bracht in het Palais des Sports in Parijs tijdens de koormanifestaties in mei 1934.
Vertellen over René Barbier is onmogelijk zonder te wijzen op het enthousiasme dat in de Franse hoofdstad heerste over het optreden van de “Milles Gueules Noires” die kwamen zingen voor de “Gueules Cassées”.

Gedurende een halve eeuw heeft René Barbier een schier eindeloze reeks artistieke manifestaties, zowel orkestrale als korale, met succes tot een goed einde gebracht. Terzelfder tijd onderwerpt hij het onderwijs in zijn stad aan een volledige reorganisatie op alle niveaus en maakt het tot een groot cultureel centrum door er het jaarlijks concertenseizoen aan toe te voegen dat door hem wordt geleid. Deze talrijke en tijdrovende functies weerhielden hem er niet van om zijn leven lang te componeren.

Zijn oeuvre, dat een grote diversiteit aan werken bevat, telt 120 opusnummers. Op vijfentwintigjarige leeftijd heeft hij reeds een hele reeks kamermuziekwerken op zijn naam staan, waaronder de sonate in re voor piano en viool en het kwintet voor strijkers en piano.

Daarop volgen een sonate voor piano en hoorn; een trio voor viool, cello, piano; een introductie, andante en finale voor fluit, strijkers en harp; een strijkkwartet; een divertimento voor 4 klarinetten; een ander voor 4 saxofonen; een Kleine suite voor fluit, hobo, klarinet en fagot. Hij schrijft talrijke werken voor viool, voor blazers, een concerto voor hoorn, een concerto en meerdere werken voor gitaar.

De carrière van René Barbier wordt afgebakend door werken voor piano, waarvan twee concerto’s voor dubbel Hans-klavier en orkest, sonates, een triptiek: Paysage d’automne, Nuit d’hiver en Solstice d’été en werken voor orgel, waaronder een “Fantasie sur un vieux Noël”, een offertorium, een gelezen mis, een concerto voor orgel, strijkorkest en pauken uit 1967.

Laat ons vooral de melodieën en verscheidene werken voor zang en orkest niet vergeten, waaronder vijf madrigalen; een “ Noël évangélique voor 4 mannenstemmen; voor gemengde koren, les Cloches vivantes, Le poème de la mine; voor kinderkoor, Ma soeur la pluie; voor mannenkoor, La chanson du houblon en La Cantate du Centenaire voor soli, koren en harmonieorkest.

Hij schrok er niet voor terug werken te componeren voor harmonieorkesten en fanfares, die hij evenzeer als uitdrukkingen van de volkskunst beschouwde als de volkskoren.

Zo schreef hij een rapsodie over twee populaire Waalse melodieën, een adagio, een ouverture en voorspel voor fanfare, de muziek van de Ommegang 1947, een Olympische hymne voor koren en harmonie, de Marche mosane en de Glorieux Anniversaire voor bariton en harmonie. Maar zijn echte werkterrein was ongetwijfeld, het groot symfonisch orkest. Hij doorweeft zijn orkestwerken met het hele gamma van expressie dat hij steeds opnieuw opzoekt, en dat getuigt van rijkdom en diversiteit van timbre, van weelderige, eindeloos gevarieerde klankschakeringen. Daarin voelt hij zich op zijn best, daarin munt hij uit.

Comme l’écrit Georges Fabry en son article nécrologique, “il a une prédilection pour les vastes fresques sonores, animées par une inspiration puissante. Il y avait en lui un visionnaire fasciné par les poèmes épiques et les grands épisodes historiques. Sa palette orchestrale est somptueuse et hyper-colorée”.

Zoals Georges Fabry in zijn necrologie schreef : “Hij heeft een voorliefde voor ruime klankfresco’s, bewogen door krachtige inspiratie. Hij was een visionair gefascineerd door de epische gedichten en grote historische gebeurtenissen. Zijn orkestrale palet is weelderig en onbeschrijfelijk kleurrijk.

Op het symfonische gedicht Les Génies du sommeil volgen La Musique de Perdition, drie symfonische bewegingen voor strijkers, een concertante ouverture, l’Evocation sonore de l’Ardenne, een concertino voor 4 blaasinstrumenten en strijkers, een concertante fantasie voor viool solo en orkest, drie symfonische schetsen, la Symphonietta voor klein orkest, een symfonisch schilderij op de naam van François Bovesse.

René Barbier drukt zijn diepe geloof uit in een groot aantal religieuze werken: een Jesus Salvator, voor zang en orgel; twee Missen; een belangrijk Te Deum voor 4-stemmig gemengd koor, orgels en koperblazers; les Lamentations de la neuvième heure voor soli, koren en orkest; Le Chemin de la Croix op teksten van Paul Claudel. Het betreft veertien muzikale commentaren voor recitant, orkest en orgel.

Toneelmuziek blijft niet afwezig : een hoorspel, La Mort de Prométhée; La Voix humaine, op tekst van Jean Cocteau; de balletten Les Abeilles en Les Pierres magiques, op een argument van René Lyr. Tot slot schrijft hij voor het toneel, de lyrische komedie Yvette; een lyrisch sprookje in twee bedrijven, La Fête du vieux Tilleul en een operette in drie bedrijven, La Sultane de Paris.

Eén van zijn grootste werken is La Tour de Babel, een uitgebreid bijbels oratorium voor recitant, soli, koor, orkest en orgel, gecreëerd in Namen in 1932, en hernomen op de wereldtentoonstelling van Brussel in 1958.

De Suite platonicienne voor groot orkest op een argument van Maurice Henrion, de bevoorrechte librettist van René Barbier, dateert van 1934; het werk draagt als ondertitel “Les Eléments” en bestaat uit vier delen, L’air, le Feu, L’Eau en la Terre.

De mening van Gabriel de Lange over het werk van René Barbier klinkt samengevat als volgt : ”Het aanhoudende ernstige, soms zelfs zware karakter van deze muziek, gaat samen met een zeer persoonlijke charme en een buitengewone virtuositeit van de ritmes en de klanken, en is op elke bladzijde terug te vinden. Vooral beschrijvende muziek neemt hier een belangrijke plaats in, zoals in le Poème de la mine, la Suite platonicienne. Er werd verteld dat zijn werken de muziek dienden in plaats van er gebruik van te maken. Deze opmerkelijk gecultiveerde componist, zeer aangenaam in de omgang, is een bescheiden man. Voor wie hem persoonlijk kent is hij een verfijnde geest, volledig gepassioneerd door zijn kunst en met slechts één enkel doel : die kunst bij anderen overbrengen, omdat hij weet hoe weldadig zij is. Spontaan ziet men hem als een leider, een aanvoerder die het goddelijke vuur overbrengt op de mijnwerkers van de Borinage of op de zangers van de Maasstreek”.

Als voormalig vice-president van de Raad van Bestuur van Sabam, werd René Barbier in 1968 verkozen tot correspondent van de Klasse voor Schone Kunsten aan de Koninklijke Academie van België. Hij werd er lid in 1972 en directeur van zijn Klasse in 1976.

De stad Namen, terecht trots op deze medeburger, organiseerde in november 1975 een groots huldebetoon in de Koninklijke schouwburg ter gelegenheid van zijn vijfentachtigste verjaardag. Het Naamse gemeentebestuur heeft een straat naar hem genoemd.

René Barbier was officier van de Academie en bekwam de Médaille en vermeil van Kunst, Wetenschappen en Letteren in Frankrijk. Zijn hele leven was een stichtend voorbeeld, waardoor René Barbier ons de zware last van onze tijd doet vergeten en ons aanspoort om, ondanks alles, in onze lotsbestemming te blijven geloven.

Sylvain Vouillemin

Biografie van René Barbier, lid van de Academie
Annuaire royal de Belgique, vol. 149, Brussel, 1983, p.231-241.
© Nouvelle biographie nationale, vol. 2, Brussel, 1990, p.21-23

werken

  • *[ô tilleul des aïeux]
    gemengd koor en orkest 00:00:00
  • A Cassandre op. 74, 1947
    koor a cappella 00:02:00
  • Achilleus op. 46, 1934
    toneelmuziek 00:00:00
  • Adagio op. 82, 1957
    kamerorkest 00:06:00
  • Adagio op. 82, 1957
    fanfare 00:06:00
  • Allegro brillante op. 66, 1940
    klarinet en piano 00:12:00
  • Allegro de forme classique op. 97, 1959
    viool en piano 00:02:00
  • Alleluia
    Bar. en koor 00:00:00
  • Ave Maris stella
    Soli en orgel 00:00:00
  • Berceuse op. 56
    piano 00:00:00
  • Bourrasques et éclaircies op. 40, 1933
    piano 00:06:00
  • Bourrasques et éclaircies op. 40, 1932
    Hansklavier 00:08:00
  • Calliope op. 89, 1955
    harmonie of fanfare 00:10:00
  • Cantate du centenaire de l'Indépendance nationale op. 38, 1930
    solo, gemengd koor en harmonie 00:25:00
  • Chant du centenaire, 1934
    koor a cappella 00:00:00
  • Cinq madrigaux op. 41, 1933
    Bariton en orkest 00:16:00
  • Cinq madrigaux op. 41, 1933
    middenstem en piano 00:16:00
  • Cinq mélodies, 1947
    middenstem en piano 00:11:40
  • Complicité, 1933
    radio en tv 00:00:00
  • Concertino op. 109, 1964
    4 klarinetten en strijkorkest 00:16:00
  • Concertino op. 116, 1971
    2 gitaren en strijkorkest 00:12:00
  • Concertino op. 109, 1964
    fluit, hobo, klarinet, fagot en orkest 00:16:00
  • Concerto op. 54, 1938
    cello en orkest 00:20:00
  • Concerto op. 98, 1960
    gitaar en klein orkest 00:14:00
  • Concerto op. 106, 1964
    hoorn in fa en orkest 00:14:43
  • Concerto op. 98, 1960
    gitaar en piano 00:14:00
  • Concerto op. 113, 1967
    orgel, strijkorkest en pauken 00:20:00
  • Concerto op. 106, 1964
    hoorn in fa en piano 00:14:43
  • Concerto n°1 op. 28, 1922
    Hansklavier en orkest 00:40:00
  • Concerto n°2 op. 43, 1933
    Hansklavier en orkest 00:20:00
  • Coucher de soleil op. 69, 1941
    Mezzosopraan of Bariton en piano 00:04:00
  • D'un vanneur de blé aux vents op. 74, 1947
    koor a cappella 00:02:30
  • Deux petites pièces op. 118, 1973
    gitaar 00:00:00
  • Dieu, pourquoi es-tu caché? op. 85, 1948
    middenstem, strijkkwintet, harp en fluit 00:04:00
  • Dieu, pourquoi es-tu caché? op. 85, 1948
    Mezzosopraan en piano 00:04:00
  • Diptyque op. 68, 1941
    orkest 00:21:00
  • Divertissement op. 101, 1962
    4 klarinetten 00:12:09
  • Ego sum panis vitae op. 35, 1924
    3 stemmen en orgel 00:05:00
  • Elégie, 1960
    blaasinstrumenten si b 00:00:00
  • Entrée pontificale, 1964
    orgel 00:00:00
  • Eté de joie op. 86, 1947
    Sopraan en piano 00:02:30
  • Etude n°8, 1964
    2 pauken en piano 00:03:00
  • Evocation sonore de l'Ardenne op. 115, 1971
    orkest 00:20:00
  • Evocation sonore de l'Ardenne op. 115, 1971
    harmonieorkest 00:20:00
  • Fanfare op. 90, 1947
    fanfare 00:00:00
  • Fantaisie concertante op. 51, 1937
    viool en orkest 00:14:00
  • Fantaisie concertante op. 51, 1937
    viool en piano 00:14:00
  • Fantaisie sur un vieux Noël op. 30, 1923
    orgel of harmonium 00:08:30
  • Fantaisie sur un vieux Noël op. 30, 1923
    orgel 00:08:30
  • Fantaisie sur un vieux Noël op. 30, 1923
    harmonium 00:08:30
  • Faune, 1933
    Mezzosopraan en piano 00:00:00
  • Fête carillonnée op. 68/2, 1941
    harmonieorkest 00:14:00
  • Fête carillonnée op. 68/2, 1941
    orkest 00:14:00
  • Glorieux anniversaires op. 37, 1930
    Bariton en orkest 00:12:00
  • Hymne olympique op. 84, 1948
    gemengdkoor en harmonieorkest 00:05:00
  • Hymne olympique op. 84, 1948
    Mezzosopraan en piano 00:05:00
  • Improvisation, 1947
    electronisch klokkenspel 00:00:00
  • Introduction op. 90, 1956
    fanfare 00:02:00
  • Introduction - Andante - Final op. 46, 1935
    fluit, hobo, klarinet, hoorn (ad lib.), fagot en piano 00:12:30
  • Introduction et allegro symphonique op. 112, 1967
    groot orkest 00:12:00
  • Introduction et fantaisie rapsodique sur deux airs wallons op. 71, 1946
    klein orkest 00:12:00
  • Introduction et fantaisie rapsodique sur deux airs wallons op. 71, 1946
    harmonieorkest 00:12:00
  • Introduction et fantaisie rapsodique sur deux airs wallons op. 71, 1946
    fanfare 00:12:00
  • Jesu Salvator op. 5, 1914
    gemengd koor en orgel 00:00:00
  • Jeu de la Rose op. 73, 1947
    harmonieorkest 00:04:00
  • L'épopée belge op. 21, 1918
    Soli, gemengd koor en orkest 00:25:00
  • La chanson des nations
    Mezzosopraan en piano 00:00:00
  • La chanson du houblon op. 53, 1937
    mannenkoor a cappella 00:15:00
  • La légende de Béatrice op. 27, 1920
    solo, koor en orkest 00:35:00
  • La mort de Prométhée op. 42, 1933
    Recitant (Mz.), 2 S., 2 A., 2 T., 2 B. en orkest 00:20:00
  • La musique de perdition op. 75, 1947
    orkest 00:24:00
  • La petite babillarde op. 57, 1931
    piano 00:00:00
  • La tempête op. 25, 1920
    hoge stem en piano 00:05:00
  • La tempête op. 25, 1920
    Tenor en orkest 00:05:00
  • La Tour de Babel op. 39, 1933
    Recitant, Soli, gemengd koor, kinderkoor, orkest en orgel 01:10:00
  • La voix humaine op. 67, 1940
    Recitant en orkest (klein) 00:19:00
  • Le beau Danube bleu, 1955
    mannenkoor a cappella 00:00:00
  • Le chaland op. 88, 1955
    Mezzosopraan of Bariton en piano 00:03:00
  • Le chemin de la croix op. 85, 1952
    Recitant en orkest 00:34:30
  • Le poème de la mine op. 50, 1934
    mannenkoor a cappella 00:12:00
  • Le temps op. 78, 1947
    Mezzosopraan en piano 00:01:50
  • Les éléments op. 64, 1935
    orkest 00:28:00
  • Les carions d'el'Wallonie op. 47, 1936
    Baritons unisono en harmonieorkest 00:04:00
  • Les cloches vivantes op. 44, 1934
    gemengd koor a cappella 00:14:00
  • Les cloches vivantes op. 44, 1934
    mannenkoor a cappella 00:14:00
  • Les coudes dans l'herbe op. 76, 1947
    Sopraan en piano 00:04:00
  • Les génies du sommeil op. 29, 1923
    groot orkest 00:25:00
  • Les génies du sommeil op. 29, 1923
    piano 00:25:00
  • Les petits espiègles op. 58, 1931
    piano 00:00:00
  • Les pierres magiques op. 94, 1957
    orkest 00:43:00
  • Ma maison op. 26, 1920
    Sopraan en piano 00:00:00
  • Ma soeur la pluie op. 52, 1937
    kinderkoor en strijkkwintet 00:05:00
  • Ma soeur la pluie op. 52, 1937
    Kinderkoor en piano 00:05:00
  • Marche de l'empereur op. 72, 1947
    fanfare 00:04:00
  • Marche de l'ommegang 1947 op. 72, 1947
    fanfare 00:04:00
  • Marche de l'ommegang 1947 op. 72, 1947
    fanfare 00:04:00
  • Marche mosane op. 92, 1956
    harmonie of fanfare 00:04:00
  • Marche mosane op. 92, 1956
    orkest 00:04:00
  • Meilied op. 74, 1947
    mannenkoor a cappella 00:02:30
  • Messe op. 45, 1934
    2 gemengde stemmen en orgel 00:00:00
  • Messe basse op. 49, 1935
    orgel of harmonium 00:17:00
  • Messe basse op. 49, 1935
    orgel 00:17:00
  • Messe basse op. 49, 1935
    harmonium 00:17:00
  • Missa op. 45, 1934
    2 ongelijke stemmen en orgel of 2 gelijke stemmen (ad lib.) 00:30:00
  • Missa op. 45, 1934
    gemengde koor a cappella 00:30:00
  • Missa op. 20, 1919
    3 gelijke stemmen en orgel 00:20:00
  • Motet op. 34, 1924
    mannenkoor en orgel 00:04:00
  • Motet, 1919
    gemengd koor en orgel 00:00:00
  • Mouvement symphonique op. 81, 1947
    cello solo en piano 00:07:00
  • Noël évangélique op. 6, 1913
    gemengd koor en orgel 00:15:00
  • Nocturne op. 47, 1935
    Mezzosopraan of Bas en piano 00:05:30
  • Nocturne op. 47, 1935
    Mezzosopraan en piano 00:05:30
  • Nocturne op. 47, 1935
    Bas en piano 00:05:30
  • Notre nacelle
    mannenkoor a cappella 00:00:00
  • Notre-Dame di Moûse, 1960
    koor a cappella 00:00:00
  • Nox op. 7, 1913
    middenstem en piano 00:04:30
  • Nox op. 7, 1914
    Mezzosopraan en orkest 00:04:30
  • Nuages op. 77, 1947
    Sopraan, altsaxofoon en strijkkwartet 00:03:30
  • Offertoire op. 31, 1923
    orgel 00:03:00
  • Offertoire
    orgel 00:03:00
  • Ommegang de Bruxelles op. 72, 1947
    gemengdkoor en orkest 00:15:30
  • Ommegang de Bruxelles op. 72, 1947
    fanfare 00:15:30
  • Ommegang de Bruxelles: Final op. 72, 1947
    fanfare 00:00:00
  • Ommegang de Bruxelles: Final, 1947
    gemengd koor en piano 00:00:00
  • Ouverture concertante op. 114, 1969
    groot orkest 00:14:00
  • Ouverture concertante op. 114, 1969
    harmonieorkest 00:14:00
  • Pegase op. 87, 1955
    klein orkest 00:07:00
  • Pegase op. 87, 1955
    harmonieorkest 00:07:00
  • Pegase op. 87, 1955
    fanfare 00:07:00
  • Petit menuet op. 60, 1950
    piano 00:00:00
  • Petit prélude op. 59, 1937
    piano 00:00:00
  • Petite esquisse
    piano 00:00:00
  • Petite marche
    piano 00:05:00
  • Petite pièce pour harmonium, 1944
    harmonium 00:00:00
  • Petite suite op. 86, 1955
    klein orkest 00:12:00
  • Petite suite op. 110, 1965
    2 gitaren 00:14:00
  • Petite suite op. 86, 1954
    piano 00:12:00
  • Petite suite op. 108, 1964
    fluit, hobo, klarinet en fagot 00:15:00
  • Pièce concertante op. 95, 1959
    altsaxofoon of viool en orkest 00:09:00
  • Pièce concertante op. 95, 1959
    altsaxofoon of viool en piano 00:09:00
  • Pièce concertante op. 95, 1959
    altsaxofoon en harmonieorkest 00:09:00
  • Pièce concertante op. 95, 1959
    altsaxofoon en orkest 00:09:00
  • Pièce concertante op. 95, 1959
    altsaxofoon en piano 00:09:00
  • Pièce concertante op. 95, 1959
    viool en piano 00:09:00
  • Pièce symphonique op. 17, 1918
    trompet en orkest 00:15:00
  • Pièce symphonique op. 17, 1918
    trompet en piano 00:15:00
  • Plus un croissant de lune op. 79, 1947
    Sopraan, 2 violen, altviool 00:01:50
  • Poème op. 14, 1916
    cello en orkest 00:12:00
  • Poème op. 14, 1916
    cello en piano 00:12:00
  • Poco adagio op. 66, 1940
    klarinet en piano 00:12:00
  • Poco adagio e allegro brillante op. 66, 1940
    klarinet si b en klein orkest 00:12:00
  • Polichinelle op. 70, 1941
    middenstem en piano 00:05:30
  • Prélude op. 110
    2 gitaren 00:00:00
  • Prélude
    accordeon 00:00:00
  • Prélude - Barcarolle op. 119, 1973
    gitaar 00:04:00
  • Quatorze commentaires musicaux op. 85, 1952
    Recitant, koor en orkest 00:34:30
  • Quatuor op. 93, 1956
    4 hoorns in fa 00:10:00
  • Quatuor op. 99, 1961
    4 saxofoons 00:14:00
  • Quatuor à cordes en ré op. 65, 1939
    2 violen, alt en cello 00:22:00
  • Quintette op. 11, 1915
    2 violen, alt, cello en piano 00:35:00
  • Réveil op. 8, 1913
    Sopraan of Tenor en piano 00:06:00
  • Rêverie op. 96, 1959
    viool en piano 00:05:00
  • Rouwklacht van het 9de uur - Lamentation de la 9e heure op. 100, 1961
    Recitant, Solo, koor en orkest 00:30:00
  • Salut Drapeau, 1925
    Bariton en piano 00:00:00
  • Sinfonietta op. 111, 1966
    klein orkest 00:15:00
  • Soir op. 11, 1915
    middenstem en piano 00:03:00
  • Sonate op. 12, 1916
    hoorn in fa en piano 00:20:00
  • Sonate op. 12, 1916
    altviool en piano 00:20:00
  • Sonate en ré op. 9, 1914
    viool en piano 00:30:00
  • Sonatine en ut majeur op. 106, 1957
    piano 00:08:00
  • Sonatine n°1 op. 105, 1956
    piano 00:07:00
  • Sonneries de trompettes thébaines de l'Ommegang 1947 op. 72, 1947
    fanfare 00:00:00
  • Sous la lampe op. 23, 1918
    Sopraan, Tenor en piano 00:04:30
  • Suite n°2 op. 115, 1969
    2 gitaren 00:14:00
  • Tableau symphonique op. 105, 1963
    orkest 00:15:00
  • Tableau symphonique op. 105, 1963
    piano 00:15:00
  • Te Deum laudamus op. 102, 1962
    gemengd koor en verscheidene instrumenten 00:14:00
  • Testament op. 15, 1917
    Sopraan en orkest 00:07:00
  • Testament op. 15, 1917
    Bariton en piano 00:07:00
  • Thyl Ulenspiegel banni op. 22, 1919
    gemengd koor en orkest 00:30:00
  • Toujours op. 80, 1947
    Sopraan en strijkkwartet 00:02:00
  • Trio op. 117, 1971
    fluit, cello en piano 00:12:00
  • Trio en mi op. 22, 1920
    viool, cello en piano 00:30:00
  • Triptyque op. 16, 1918
    piano 00:12:00
  • Trois esquisses symphoniques op. 91, 1956
    orkest 00:17:00
  • Trois esquisses symphoniques, 1956
    piano 00:15:00
  • Trois mouvements symphoniques op. 104, 1962
    strijkorkest 00:20:00
  • Trois petites pièces op. 120, 1973
    gitaar 00:08:00
  • Une sultane de Paris op. 33, 1923
    operette 00:00:00
  • Variations expressives op. 14, 1916
    cello en orkest 00:15:00
  • Yvette op. 1, 1910
    opera 00:00:00
Bladzijdes :
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20